SAM is een nieuw, jong magazine dat 4 x per jaar verschijnt en gericht is op Street-Art, Graffiti, Illustratie en grafische werk. Resident Artist Robert Rost bezocht oprichter en maker Chris Versteeg op zijn werkplek in Rotterdam, dat naast kantoor ook is ingericht als studio.

 

“Kun je beschrijven welk format SAM hanteert?”   

 ”Ja, dat is lastig. Het is deels gewoon een gevoel. Maar de inhoud van het blad loopt eigenlijk uiteen van graffiti op treinen tot olieverf-schilderijen die in de studio gemaakt worden. Dus van illegale graffiti tot gewoon Fine Art en alles wat er tussen in zit, zolang het maar tof is. En alles wat daar tussen in zit, is natuurlijk de héle kunstscene.

Ik houd persoonlijk erg veel van werk, waarin je ziet dat de maker het gewoon zelf verzonnen heeft, zijn hart en ziel erin heeft gestopt en ook iets heeft gemaakt, dat gewoon in één oogopslag tof is. Dat je gelijk denkt: zó, dat zou ik aan de muur willen hebben!”

 

”Dat is meestal ook meteen heel illustratief eigenlijk. Je ziet meteen wat het is. Het zijn vaak afbeeldingen, toch?”.

”Ja klopt, het is heel erg figuratief. Het is bijna niets anders eigenlijk. Het is heel erg naar plaatjes kijken”.

 

”Dus de inhoud van SAM gaat van Street Art tot aan olieverf op doek. Maar de kunstenaars, die met bijvoorbeeld olieverf werken, komen dan wél vaak uit de hardcore of Street Art scene, of niet?”

”Niet per se. Laten we kijken naar bijvoorbeeld de treingraffiti. Dan zie je gewoon dat ze hun naam schrijven met traditionele graffitiletters. Dat vind ik persoonlijk iets minder interessant om in het blad te laten zien dan bijvoorbeeld gasten die op treinen spuiten met hele rare ontwerpen.

Je hebt in België een gozer, die de naam NAWAS schrijft op treinen. Hij probeert allerlei dingen uit de actualiteit of bekende stripfiguren te verwerken in zijn treinen. Elke keer als je weer een trein van hem ziet moet je een beetje lachen of je herkent er iets in. Het is dus niet traditionele graffiti. Het is echt iets nieuws.

Doordat hij het op treinen maakt, is het natuurlijk illegaal. Maar daardoor heeft het wel een soort van extra dimensie. Als hij het werk op een doek zou maken, zou het misschien minder interessant zijn. Ik vind persoonlijk dat een doek ook gewoon mooi mag zijn, zonder dat het betekenis heeft eigenlijk”.

 

”Een format is ook moeilijk te beschrijven, want het is heel breed. Het gaat ook heel erg om jouw smaak en interesse, toch?”

”Ja, eigenlijk wel (lacht)”.

 

”Jij bent eigenlijk de enige maker van heel het blad, begrijp ik”.

”Ja, klopt. Nou, moet ik zeggen dat ik het wel halverwege het opmaken even vaak rond stuur naar een paar mensen om het eventjes te laten checken of het niet te monotoon wordt qua stijl. De input is in ieder geval van harte welkom altijd.

Soms komen de mensen met een kunstenaar, waar ik nog nooit van gehoord heb. Dan denk je van: zó, die is gaaf! Die woont dan bijvoorbeeld ergens in een dorp in Italië en is wat minder actief op internet. Dan vind ik wel dat hij een platform verdient en probeer je met zo’n iemand in contact te komen. Je nodigt hem uit om eens een keer wat werk op sturen en te kijken of het interessant is om daar één pagina, twee pagina’s of misschien een heel artikel aan te wijden.

Soms kom je echt enorme verassingen tegen, van gasten waarvan je denkt: waarom ben jij nog niet in elke Europese stad te vinden? Net zoals dat je ze ook niet ziet in galleries of op muren, of wat dan ook?”

 

Dat is relaxed. Dan krijg je content én dat bespaart je werk (grinnikt)”.

”Nou ja, dat bespaart je werk? Je moet ook veel selecteren, want je krijgt een hoop werk toegestuurd, dat misschien net niet in het blad past. En andere kunstenaars wil je per se in je blad hebben, dus daar ga je achteraan zitten mailen.

Maar ik denk dat hoe meer mensen SAM lezen, hoe meer mensen gemotiveerd raken om werk op te sturen. Zodoende leer je meer goede kunstenaars kennen, die misschien een spotlight verdienen”

 

”Je beschrijft wel dat de inhoud gaat van olieverf op doek tot en met spray paint op straat, maar toch er ligt wel een duidelijk accent op Street Art toch..of die buitenruimte”.

”Ja, precies. Maar het titel van het blad is natuurlijk ook Street And More. De reden waarom ik dit blad ben begonnen is, omdat je eigenlijk al best veel graffiti bladen hebt. Die houden zich eigenlijk alleen bezig met illegale graffiti; metro’s, treinen en muren. Je hebt ook heel erg veel kunst bladen, maar die belichten dan weer de andere kant van het spectrum; echt alleen atelierkunst, beeldhouwwerk, noem maar op. Echt een beetje de galleriekunst.

Maar daartussen zit eigenlijk nog een enorm groot grijs gebied van gasten die misschien vroeger graffiti hebben gespoten en nu aan het schilderen zijn geslagen. Of schilders die enorm geïnspireerd zijn geraakt juist door straatcultuur. Of fotografen die helemaal gefascineerd zijn door de graffiti wereld of door de Street Art wereld en besluiten daar reportages over te maken”. En ik denk dat ze vroeg of laat ongetwijfeld een onderdeel gaan worden van de normale kunstscene, maar het is nu nog zó in ontwikkeling en het heeft ook nog zoveel uitersten. Maar zoals ik al zei, het heeft al raakvlakken met illegale graffiti, maar ook met de studiokunst en met de galleries”.

”Je ziet het vaak dat een artiest eerst op straat bezig is en daarna zijn werk in opdracht gaat doen. Hij wordt steeds professioneler en gaat meer werk op doek maken en in galleries verkopen. Voor je het weet is die ook voor grote merken bezig, zo dat het steeds commerciëler wordt eigenlijk”.

”Dat zie je wel steeds meer. Ik denk ook dat het komt, omdat commerciële merken inmiddels wel door hebben dat dit een kunstvorm is die de jeugd enorm aanspreekt. En voor die merken is het een heel interessante manier om die jongeren te bereiken natuurlijk, omdat ze zich kunnen indentificeren met iets wat nog niet helemaal is uitgemolken. Ten minste, de melk begint aardig op te raken (grinnikt). Op zich heeft het daardoor ook wel een toffe wisselwerking.

Kijk, als een groot merk een jonge illustrator of kunstenaar een paar van dat soort opdrachten geeft, is dat enorm goed voor zijn zelfvertrouwen, voor zijn motivatie en voor zijn naamsbekendheid. En het is ook gewoon iets, waardoor hij misschien gemotiveerd wordt om er écht zijn beroep van te maken. Dus die wisselwerking met de commerciële wereld is waarschijnlijk wel nodig. Maar waarom zou je als illustrator bijvoorbeeld niet de opdrachten aannemen voor een merk; het is ook gewoon een ambacht, het is een beroep”.



”Jij focust je helemaal op dat gebied van die kunst waar we het net over hebben. Dus jij hebt waarschijnlijk wel een goed beeld van de jonge generatie die er aan komt.

”Nou, om eerlijk te zijn niet, nee. De meeste contacten lopen toch via e-mail, via facebook of andere social media. En bij sommigen komt de leeftijd niet echt ter sprake. Er zullen inderdaad gasten zijn, die halverwege hun 20 of begin 20 zijn, die nu met echt hele toffe illustraties komen en ook met die illustraties een beetje teruggrijpen op ouderwetse stijlen en technieken.”.

 

”Alleen maar gasten?”

”Ja, het zijn toch voornamelijk mannen wel. Ik weet niet precies hoe dat komt. SAM is nog best een jong blad, dus ik gebruik nu eigenlijk mijn eigen netwerk van bevriende kunstenaars en kennissen van die kunstenaars, om aan beeld en input te komen. En dat zijn dan toevallig vaak mannen. Er zitten heus wel vrouwen tussen hoor, maar het valt me op dat er inderdaad ook heel veel mannen zijn”.

 

“De helft van SAM bestaat eigenlijk uit werk dat opgestuurd wordt door kunstenaars uit de hele wereld. Je krijgt veel mail en dan kijk je of er wat tussen zit, wat eventueel in het blad geplaatst kan worden. Dus als studenten zeggen van: hey, ik maak tof werk, we hebben een scene, of er is iets interessants, dan kunnen ze jou mailen”.

”Zeker weten, klopt. En het hoeft ook niet per se op muren of treinen te zitten. Als ik eerlijk moet zijn, wordt het grootste van het blad al gevuld door illustratoren en niet per se door graffiti spuiters. Veel van die illustratoren maken dan hun werk ook op muren. Ja, dat zou je eerder een muurschildering kunnen noemen, dan graffiti.

Soms wordt het helemaal met acrylverf geschilderd, of gebruiken ze een spuitbus, omdat het gewoon een praktisch medium is. Je hebt de verf kant-en-klaar gemengd, het droogt snel en je hebt geen kwasten nodig. Je gooit het zo in je tas en je kunt de volgende dag weer verder. Maar dat wil niet zeggen dat het dan gelijk graffiti is natuurlijk. Het is gewoon een praktisch medium ”.


http://www.streetandmore.com

 

actie-SAM

coverSAM5_960397216

Cover van SAM no. 5 | Maart 2015

 

Nawas Trein door NAWAS

 

 

The Revolution Will Be Trivialized' (Paris, France)_Tristan Eaton ‘The Revolution Will Be Trivialized’

by  Tristan Eaton

 

 

Remko_KoopmanNine Seconds part 2″

by Remco Koopman

 

 

Sat One_Mural by SatOne

 

 

Slavestothemetalhorde_super A_TFAC‘The metal horde’ 

door Super A

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

FacebooktwitterFacebooktwitter